Zo moreel en zo gedwee?

Je bezighouden met en nadenken over moraliteit, op de manier waarop filosofen en andere theoretici als bijvoorbeeld pedagogen of psychologen dat doen, kent een merkwaardig en wat paradoxaal of dubbel aandoend aspect. Wanneer je je namelijk vragen stelt over de aard van moraliteit, zul je je ook moeten verdiepen en inleven in de drijfveren en overwegingen van lieden die je ronduit immoreel vindt (zou dat Jim Fallon wellicht wat makkelijker afgegaan zijn dan bv. Hare of Babiak?). Moraalfilosofen zijn hoe dan ook op z’n minst een beetje dubbel en soms wat deugnieterig.

Over moraliteit is door de eeuwen heen veel gezegd en geschreven. Het gegeven roept ook altijd de nodige vragen op en daar zijn we doorgaans ook erg druk mee. Meestal en bij voorkeur liever niet onder de noemer ‘moraliteit’ weliswaar, want dat bekt momenteel niet zo lekker. Maar gooi eens een balletje op over wat goed en kwaad zou zijn, over wanneer of waarom iets eerlijk of oneerlijk mag heten, over wat gelijke rechten, gelijke kansen of (in huidige new-speak) een ‘level playingfield’ in concreto zouden betekenen en we raken niet snel uitgepraat. Dan lijken we opeens in een alledaagse en doorlopende morele conversatie met elkaar verwikkeld.

Onlangs las ik een Voetnoot van Arnon Grunberg met de titel ‘Leerstuk’. Daarin roemde hij de theaterbewerking van Jeder stirbt für sich allein, een roman van Hans Fallada uit 1947 (zie hierover ook Gerrit Brand) en noemt het een leerstuk omdat:

Er worden vragen gesteld over de relatie tussen gehoorzaamheid en moraal, fatsoen en futiliteit die zo indringend zijn omdat we in een tijd leven waarin gehoorzaamheid weer met moraal wordt verward.

Die laatste constatering kan ik, helaas, nogal eens met hem delen.
Als Nederlander is mij mijn hele leven zo’n beetje bijgebracht dat onze oosterburen een uiterst volgzaam volkje zouden zijn met een overmatige ‘befehl ist befehl’-mentaliteit. Na ruim 60 jaar in ons landje geleefd te hebben, moet ik toch constateren dat wij Nederlanders er ook van van kunnen. Met name op het werk, in bestuur en politiek zie je hier niet zelden een brave en blinde volgzaamheid aan regels, opdrachten of groepsmores die boven alles lijkt te gaan en ogenschijnlijk weinig boodschap heeft aan overwegingen van morele aard. Het lot van klokkenluiders in dit land vind ik in dit verband nogal eens boekdelen spreken.

Maar moraliteit is dus iets anders dan gehoorzaamheid; dat zullen de meesten van ons toch wel met Grunberg eens zijn?
Goed om te bedenken wanneer we het nog eens over moraliteit en/of over opvoeding hebben!

Over Dick

What about me?
Dit bericht werd geplaatst in in mijn boekie, pedagogie, psychobabbel, Varia en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s