Doe eens normaal (3) Brein en stress

Na het genenverhaal vervolgt van Hintum met:

Genetische onderzoeksresultaten kunnen nog altijd op warme belangstelling rekenen van journalisten en het grote publiek, maar het hersenonderzoek is de laatste vijf tot tien jaar echt een hype geworden. Gedrag lijkt pas ‘echt’ te zijn als de ermee corresponderende hersenactiviteit met behulp van fMRI, een beeldvormende techniek, in de hersenen zichtbaar is gemaakt.

Zo luidde de eerste twee zinnen van het tweede item uit het eerste hoofdstuk: 1.2 Hersenen: een complex en kwetsbaar verkeersnetwerk

Hierin komen, zoals te verwachten, dan de wetenswaardigheden over ons brein aan bod of dat wat ik zomaar eens neuropraat ben gaan noemen.
Onder die wetenswaardigheden ook wat van de welhaast obligate specificaties van dit wonderbaarlijke stukje hardware. Specificaties die altijd imponeren (mij althans) door de veelheid, de snelheid en de onvoorstelbaar grote getallen.
De drift of de teneur van dit onderdeel, waar ik mij wel senang bij voel, laat zich goed samenvatten met de volgende citaten:

De ‘hardware’ in ons hoofd kent net zo veel individuele variaties als er mensen zijn.

De hersenen zijn een orgaan waarin je gevoel, handelen en denken als het ware worden ‘ingeprint’; ze veranderen met en door alles wat je doet, denkt, voelt en meemaakt. Wetenschappers zeggen dan ook dat het brein plastisch is. Hoe het zich ontwikkelt, hangt af van allerlei verschillende maatschappelijke, biologische, gedrags- en leeftijdsfactoren, en verschit van individu tot individu. Er zijn geen twee paar hersenen hetzelfde – zelfs niet die van een eeneiige tweeling.

Bij ‘ongelukken’ die in de hersenen kunnen plaatsvinden, denken we meestal in de eerste plaats aan een hersenbloeding of -infarct, of aan hersenletsel als gevolg van een val of harde botsing met een vuist of voorwerp. Maar ‘ongelukken’ ziijn ook traumatische gebeurtenissen zoals het overlijden van een ouder, misbruik en verwaarlozing. De angst en depressie die zulke ervaringen kunnen veroorzaken, hebben net zo goed invloed op het functioneren van de hersenen, en zijn vaak ook terug te zien in de vorming van de ‘hardware’ in het brein. Daarbij speelt een foute afstelling van het biologische stresssysteem een cruciale rol.

Dat komt me voor als een belangwekkende constatering. Naast de zeer evenwichtige en genuanceerde benadering van het onderwerp laat mijn enthousiasme over dit boek van van Hintum zich vooral verklaren door hoe ze hierin aandacht vraagt voor het belang van dit biologische stresssysteem en het in samenhang en perspectief plaatst. Hetzelfde geldt overigens voor de maatschappelijke oorzaken en inbedding van psychiatrische ziektebeelden.

Dat cruciale biologische stresssysteem staat doorgaans wel bekend als de vecht- of vluchtrespons. Heel toevallig(?) het onderwerp van het eerste schrijfseltje op Dima’s Blog zo’n 30 maanden geleden.
Van Hintum:

Onderzoekers veronderstellen dat een niet goed afgesteld en daardoor niet goed functionerend stresssysteembeïnvloedt hoe we ons voelen en gedragen. Dat kont doordat een disfuntionerend stresssysteem structurele veranderingen in de hersenen kan veroorzaken die aan de basis liggen van allerlei psychische stoornissen. Stress lijkt daarmee een belangrijke onderliggende factor voor psychische aandoeningen, en is dat trouwens ook voor chronische lichamelijke ziekten, hart- en vaatziekten en kanker. Precies om die reden wordt er veel onderzoek naar gedaan.

Onze Lieve Heer of de evolutie heeft niet alleen de mens met zo’n alarmsysteem van vecht-, vlucht- of vriesreacties uitgerust. We delen deze uitrusting met andere leden in het dierenrijk. Naarmate het beestje zich wat hoger op de evolutionaire ladder bevindt, wordt het hele systeem wel complexer.
In de dierenwereld schijnen we vooral met een uitermate functioneel overlevingsmechanisme van doen te hebben. Op de vraag welke implicaties dat voor ons mensen als zelfbewuste, cultureelbepaalde en talige wezens heeft, is niet een simpel antwoord mogelijk. Mede omdat er dan naast technische of biologische verklaringen ook altijd morele aspecten meespelen.

Er doet zich ook nogal wat variatie voor in de drempelwaarde en de mate waarin bij verschillende mensen het systeem geactiveerd wordt, hoe het van zich laat spreken en of en hoe het weer tot rust komt. Ik meen van mezelf te weten dat mijn alarmbelletjes betrekkelijk gemakkelijk aan het rinkelen zijn te krijgen.
Sommige mensen ervaren bij het minste geringste of bijna altijd stress terwijl sommige anderen onder geen enkele omstandigheid aangedaan lijken te worden.

Een veel voorkomend gevolg van veel stress en zogeheten korte lontjes of een overspannen of al te rap te triggeren vecht- of vluchtrespons is (misplaatste) agressie en agressief gedrag.
Iets dat, zo we allen weten, niet zelden paniek en/of agressie als reactie oproept en zo gauw in een negatieve spiraal kan uitmonden en veel mensen de nodige last en problemen bezorgt.
Agressief gedrag in de zogeheten openbare ruimte en de zorg daarover lijkt in de loop van mijn leven aanmerkelijk toegenomen. Ik moet er in mijn werk soms ook wel op beducht zijn en rekening houden met de mogelijkheid of de dreiging van agressie.

< vorige | volgende >

Over Dick

What about me?
Dit bericht werd geplaatst in een vak apart, neuropraat, psychobabbel en getagged met , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s